Afweercellen buiten lichaam klaargestoomd voor echte strijd Longziekten Trainingskamp tegen asbestkanker Het aantal asbestkankerpatiënten neemt de komende vijf jaar toe. Met chemotherapie is hun levensverwachting krap een jaar. Het Erasmus MC stuurt nu afweercellen op trainingskamp voordat ze in het echt de strijd aangaan met tumorcellen. A sbest is gevaarlijker dan tot voor kort werd gedacht. Dat bleek in juni uit een advies van de Gezondheidsraad aan de ministeries van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Het adviescollege pleitte voor een drastische verlaging van de blootstellingnormen voor mensen die met asbest werken, zoals in de scheepsbouw en asbestcementindustrie. De gezondheidsrisico’s van asbest zijn dus wederom actueel. Weliswaar heerst sinds 1993 in Nederland een algeheel asbestverbod, maar ondertussen is het nog volop aanwezig in onder andere gebouwen, wegen en schepen. Bij bijvoorbeeld een brand kunnen asbestvezels vrijkomen die de longen beschadigen. Dit kan leiden tot borstvlieskanker: een ongeneeslijke ziekte die zich in de long- of borstvliezen nestelt. Omdat asbest de voornaamste oorzaak is, staat dit type kanker ook bekend als asbestkanker. Volgens wetenschappelijke berekeningen zullen er tussen 2000 en 2028 ruim 18.000 mensen aan overlijden in Nederland. Schadelijker Dr. Joost Hegmans van de afdeling Longziek- Saboteurs aanpakken De balans weer laten doorslaan naar een immuunsysteem dat de tumor aanpakt. Dat is de kern van het onderzoek van asbestkanker deskundige Joost Hegmans. Zijn team bestudeert nu, of de ‘DC-therapie’ verbetert als gelijktijdig een ander afweerceltype wordt geremd. Deze regulatoire T-cellen worden namelijk dusdanig door de tumor gemanipuleerd, dat ze de tumor beschermen tegen de strijdende afweercellen en zo de boel saboteren. 8 Het nare van asbestkanker is dat het twintig tot veertig jaar duurt voordat de ziekte de kop op steekt. Sinds 2003 bestaat er voor patiënten een schaderegeling van maximaal 50.000 euro, uitgekeerd door voormalige werkgevers of de overheid. Dit bedrag biedt maar een schrale troost, gezien de slechte prognose van de ziekte: na diagnose is de levensverwachting negen maanden, wat met ongeveer twee maanden verlengd kan worden door chemotherapie. ten van het Erasmus MC is wetenschappelijk onderzoeker en deskundige in asbestkanker. Hij onderschrijft dat asbest schadelijker is dan tot dusver is gedacht. “In 2015 wordt een piek verwacht in het aantal patiënten. Omdat asbest nu schadelijker blijkt en bovendien het verwijderen van asbest nog steeds niet veilig genoeg verloopt, zal de afname na die piek minder snel zijn dan we een aantal jaar geleden dachten.” Eerste test patiënten Sinds 2002 werken Hegmans en klinisch projectleider dr. Joachim Aerts met een team van wetenschappers en clinici aan een nieuwe therapeutische aanpak. Ze zetten het eigen immuunsysteem van de patiënt in tegen de ‘asbesttumor’. Dit voorjaar slaagden de onderzoekers erin zowel wetenschappelijk te publiceren als kranten te halen met een door hen ontwikkelde immuuntherapie die voor het eerst in een kleine groep patiënten is getest. De immuuntherapie houdt in dat speciale afweercellen uit het lichaam van de patiënt worden gehaald, in het lab een training krijgen door ze te confronteren met de ‘eigen’ tumorcellen van de patiënt en vervolgens worden teruggeplaatst in het lichaam. De onderzoekers hebben voor deze methode zogeheten dendritische cellen gebruikt. Hegmans: “Dit zijn een type afweercellen die in ons lichaam zitten op plekken waar contact is met de buitenwereld, zoals de huid en de longen. Ze pikken lichaamsvreemde eiwitten op en vervoeren ze naar de lymfeklieren, waar een leger van gespecialiseerde afweercellen - vooral T-cellen - wordt geactiveerd. De T-cellen kunnen op hun beurt tumorcellen herkennen en vernietigen.” Nieuws Toen het nieuws van de eerste klinische testen de kranten haalde, wilden patiënten weten of ze konden meedoen aan de studie. Helaas moest Hegmans velen teleurstellen. “Het probleem is dat onze methode vereist dat we levende tumorcellen van de patiënt zelf hebben”, legt hij uit. “Die cellen oogsten we uit september 2010 • Monitor
Tekst Chrétienne Vuijst | Beeld Levien Willemse pleuraal vocht, het vocht tussen de longvliezen dat wordt geprikt (pleurale punctie, red.) voor diagnose. Van tien patiënten kregen wij na toestemming wat er over was aan dit pleuravocht. Maar er zitten niet altijd voldoende tumorcellen in het vocht, ook al is er sprake van kanker. De kankercellen in de tumor die vergroeid zit met long- of borstvliezen, zijn praktisch niet te oogsten.” En zonder tumorcellen van de patiënt kunnen de dendritische afweercellen niet worden getraind buiten het lichaam. Kweken De immuuntherapie met dendritische cellen (DC’s) is in de tien patiënten met asbestkanker getest op veiligheid. Van hen waren na diagnose dus wel voldoende tumorcellen beschikbaar. Die werden kapotgemaakt en opgewerkt tot een complex eiwitmengsel: lysaat. Omdat het heel lastig is DC’s direct uit een patiënt te oogsten, haalden de onderzoekers uit het bloed van de patiënten monocyten, de voorlopercellen van de DC’s. In het lab kweekten ze deze bloedcellen op tot miljoenen DC’s die ze in aanraking brachten met het mengsel van kapotte tumorcellen afkomstig uit dezelfde patiënt. Hegmans: “We vermoeden dat normaal voorkomende DC’s in de onbehandelde patiënt niet goed tegen de kankercellen zijn opgewassen. Waarschijnlijk komen ze in het begin Monitor • september 2010 wel tot actie, maar worden ze op een gegeven moment door de tumor buitenspel gezet. Door de DC’s in een speciaal laboratorium, een clean room, buiten het lichaam als het ware op te laden tegen de tumorcellen, blijken ze terug in het lichaam beter hun werk te doen.” Stabiliseren Ongeveer tien weken na hun chemotherapie kregen de patiënten in hun huid en bloed driemaal injecties met miljoenen getrainde DC’s. De resultaten van deze eerste klinische test waren goed: de methode bleek veilig te zijn en op een CT-scan leken de tumoren zich te stabiliseren. In het lab werd bij zes patiënten waar nog levende tumorcellen voorhanden waren, de anti-tumor-response getest: bij vier patiënten gingen tumorcellen dood dankzij de immuuntherapie. Hegmans: “Over de orde van grootte van de tumoraanpak valt nog niets zeggen. We weten niet of de tumoren zich stabiliseerden door de chemotherapie, de immuuntherapie of de combinatie. Daarvoor is een grote klinische studie nodig.” Maatwerk De immuuntherapie met de DC’s is arbeidsintensief. Het gaat om maatwerk: voor behandeling zijn per individuele patiënt zowel eigen afweercellen als eigen tumorcellen nodig. Hegmans en zijn team onderzoeken nu of het ook mogelijk is tumorcellen van een patiënt met asbestkanker op te kweken tot een universele cellijn, waaruit telkens weer geput kan worden als bron voor tumorcellen voor therapie van andere patiënten. Hegmans: “Dat zou betekenen dat niet meer per patiënt levende tumorcellen geoogst hoeven te worden. Wel moeten er waarschijnlijk meerdere cellijnen komen, omdat er ook verschillende typen asbestkanker bestaan. Mits we financieel steun krijgen, kunnen we dergelijke cellijnen binnen enkele jaren voorhanden hebben.” Daadwerkelijke therapie Hegmans’ onderzoek was tot nu toe mogelijk dankzij subsidie van Stichting Asbestkanker, Stichting Coolsingel, Fonds NutsOhra en het Amerikaanse MARF fonds, opgericht na nine eleven. Nu is het hoog tijd voor structurele financiële steun om tot een daadwerkelijke therapie voor patiënten met asbestkanker te komen, zegt hij. “Asbestkanker is weliswaar een zeldzame vorm van kanker, maar het treft jaarlijks ongeveer 950 nieuwe patiënten. Dit is net zoveel als het aantal verkeersdoden. Waar we op hopen, is dat de overheid behalve in de schaderegeling nu ook gaat investeren in onderzoek naar behandeling van asbestkanker.” 9